Ome Harry

From Brongersma
Jump to: navigation, search

Mijn man [niet de vader van haar kinderen: ome Harry genoemd] probeert mijn dochtertje [10 jaar] voor seksspelletjes te gebruiken. Toen ik vanmorgen mijn dochtertje waste en zei (zoals ik altijd doe): En nu goed je handjes inzepen en goed ertussen wassen want als je groot bent en je wast je daar niet goed dan ruik je vies. Dus zij op haar manier aan het wassen, toen ze opeens zei: Mammie mijn vingertje kan al helemaal in het gaatje maar die van ome Harry nog niet want dat doet nog pijn als hij zijn vinger er in wil stoppen. Als hij daar boven kietelt doet het geen pijn maar hij zegt dat het niet lang meer duurt dat zijn vinger er helemaal in kan, en dan moet ik met mijn hand zijn pikske pakken en zo doen, en ze pakte mijn vinger en gleed met haar handje over mijn vinger heen. Ze vertelde verder zonder dat ik haar in de rede viel. Als ik dan heb geaaid dan wordt zijn pikske hard en dan zegt hij altijd, als je gaatje groot genoeg is dat mijn vinger er in kan dan zal ik je dit lekkere pikske er in laten voelen en dat nat dat nu over je handje loopt krijg jij dan in je lekkere kleine kinderbuikje. Is het mogelijk dat een man waar je alles maar dan ook alles voor over hebt je dit aandoet? Dat hij net zolang met zijn vingers werkt tot zij wijd genoeg is om daar binnen te dringen? [...]

Maar moet ik toezien dat hij mijn kleine meid neemt? Hij is groot geschapen en ik leef elke dag in angst dat het vandaag of morgen uitlekt want ze vertelt het tegen mij dus is er kans dat ze het ook tegen een ander vertelt. Ik weet dat ik het niet met hem kan bepraten want hij is er een voorstander van om zijn eigen kinderen te ontmaagden. Hij heeft het ook altijd over eerlijk zijn tegen elkaar, waarom dan dit stiekem gedoe? Als hij nu al niet van haar af kan blijven ben ik bang dat als ze straks 12 of 13 is, ze een paar keer per week van hem zal zijn en dan heeft het kind geen behoefte meer aan kinderen van haar eigen leeftijd en zal ik enkel nog maar goed zijn om toe te zien. Ik vind het heel goed als een kind voorlichting krijgt maar is dit nu nodig? Ik wil mijn dochtertje nog zo graag als kind zien en niet als gebruiksvoorwerp van een man van 40 jaar. [...]

[Reactie redactie Wij Willen Weten:]

In de eerste plaats is het duidelijk dat u gekweld wordt door gevoelens van angst en jaloezie. Over honderd jaar zal men ongetwijfeld niet begrijpen waar u zich druk over maakt, maar misschien hebt u nu niet zoveel aan die gedachte. [...] Uw beschrijving van de seksuele spelletjes tussen uw vriend en uw dochtertje suggereert gevaar, angst, geweldpleging. U vraagt zich af wat er van het kind terecht moet komen. U bent bovendien bang dat uw dochter het tegen de buitenwereld zal vertellen. Er spelen dus allerlei angsten door elkaar, en hoe begrijpelijk die ook zijn, u zou toch een poging moeten doen om de zaken eens rustig op een rijtje te zetten, en met uw vriend en dochter te bespreken. Dat bespreken hoeft geen plechtige aangelegenheid te zijn: Je kunt gewoon aan tafel (of zoals u voorstelt onder de douche) op een rustige en gezellige manier proberen elkaars gevoelens en ervaringen te bespreken. De volgende grondgedachte zou ik u willen aanreiken ter overdenking:

  • 1. Het gaat bij seksualiteit niet om de uitingsvorm, maar om de inhoud, niet om bepaalde geslachtelijke handelingen, maar om wat we als mensen met elkaar doen.
  • 2. Een kind is ermee gediend als in de opvoeding de seksualiteit niet in de taboe-sfeer ligt. U schrijft zelf dat uw dochter nu al meer weet dan u op uw huwelijksdag. U mag dus blij zijn dat uw dochter op haar manier over seksualiteit kan praten. Hoe spontaner en ongedwongener u op haar seksuele ervaringen kunt reageren, hoe beter het is, zowel voor uzelf als voor haar.
  • 3. Uw vriend is volgens wetten die we in Nederland nog hebben, strafbaar. Laat u zich echter nooit verleiden om de politie erbij te halen, of daarmee te dreigen. U zou daarmee alle betrokkenen, uzelf inbegrepen ernstig schaden.


bron: Ingezonden brief 'Ome Harry'; Rubriek Wij Willen Weten; Sekstant (maandblad van de NVSH); februari 1973