Reactie - Pedofilie

From Brongersma
Revision as of 11:43, 22 February 2019 by Admin (talk | contribs) (Created page with "Hoewel er een uitstekende reactie van de heren Schuijer en [J.R.F.] op het artikel 'Pedofilie en Verantwoordelijkheid' in nr. 3 van 7 februari 1987 is geweest, wil ik vanuit e...")
(diff) ← Older revision | Latest revision (diff) | Newer revision → (diff)
Jump to navigation Jump to search

Hoewel er een uitstekende reactie van de heren Schuijer en [J.R.F.] op het artikel 'Pedofilie en Verantwoordelijkheid' in nr. 3 van 7 februari 1987 is geweest, wil ik vanuit een ander gezichtspunt ook nog reageren (het APB kreeg ik later onder ogen).

Natuurlijk is de pedofiel in de eerste plaats verantwoordelijk voor alles wat er in een relatie met een jongere plaatsvindt. Mij lijkt het toch noodzakelijk de accenten zo hier en daar iets anders te leggen. Om maar iets te noemen, ik viel meteen over de 'boventitel' heen, met de tekst: 'Een verschijnsel eerst durven herkennen om het te kunnen bestrijden'. Wat mijzelf betreft, ik ben nu 53 jaar en mijn leven lang bestreden. Op alle mogelijke en denkbare manieren. Het heeft niemand verder geholpen; integendeel. En ik ben gebleven die ik ben, met mijn gevoelens voor kinderen.

Pas op mijn 49e jaar vond ik eindelijk iemand die me van mijn zeer negatieve gevoelens t.o.v. deze geaardheid afhielp. Definitief naar ik veronderstel en hoop. Sindsdien is het beter met me gegaan. Ik ben vrolijker geworden, kan beter met mensen overweg en wil openlijk voor mijn gevoelens voor kinderen uitkomen.

Het is mij daardoor mogelijk geworden op een rustiger manier naar mijn relaties te kijken en inzicht te krijgen in wat er gebeurt en dat op een goede manier te beïnvloeden. Naar mijn gevoel bepalen de angst voor de seksualiteit en vooringenomenheid de opvatting dat ik nog steeds en opnieuw bestreden dien te worden. Naar mijn mening behoort pedofilie niet bestreden te worden, maar als een normaal gegeven geaccepteerd. Dat vergroot de kans dat er verantwoord mee zal worden omgegaan en zal groeien naar acceptabeler vormen.

Mijn opvatting is dat de politie daarin een taak heeft, n.l. door die kansen te bieden die dat groeien naar acceptabeler vormen mogelijk maken, bijvoorbeeld door beter op de hoogte te zijn over pedofilie en zodoende bij te dragen tot een betere voorlichting op dit gebied. Er hoeft dan niet naar een andere naam te worden gezocht voor deze voorkeur, gewoon pedofilie is uitstekend, tenzij wordt bedoeld dat het verkeerd is iemand een etiket op te plakken en in een vakje te stoppen. Dat is juist.

Door een betere voorlichting en aanvaarding van de seksualiteit in haar verschillende uitingsvormen, zou de context waarin contacten tussen volwassenen en kinderen plaatsvinden veranderen en meer open kunnen worden. Er zou geen reden meer zijn voor geheimhouding, chantage, bedreiging of verlating. Niet de seksualiteit, maar die dingen maken dat een slachtoffer van seksueel misbruik voor zijn leven beschadigd is, volgens kinderpsychiater en seksuoloog Frits Bruinsma in het artikel 'Kinderlokkers' in Trouw van 27 juni 1987. Als mogelijk beschadigend mogen zeker ook wel het politieverhoor en de emotionele reacties van de omgeving worden meegerekend en genoemd.

Wat de verantwoordelijkheid van de pedofiel betreft het volgende: het lijkt me nogal vanzelfsprekend dat kinderen hun eigen ontwikkeling door moeten maken en dat hun seksualiteit in vele opzichten anders zal zijn dan die van volwassenen. (Mensen met ervaring zullen trouwens weten dat deze verschillen tussen volwassenen ook altijd een rol spelen.) Voorzichtigheid en terughoudendheid lijken ook mij op hun plaats. Niet op iedere toenadering van een kind moet ogenblikkelijk toeschietelijk worden gereageerd door een volwassene. Er dient terdege rekening te worden gehouden met allerlei factoren. Wil het kind dit echt, gaat het niet te ver, krijgt het er geen spijt van, ook later niet? Immers, een en ander is niet los te zien van de omgeving, die zulke contacten veelal afkeurt. De vraag is of deze afwijzing van zo'n poging tot toenadering een definitieve moet zijn. Dit bewuste artikel in het APB, over pedofilie en verantwoordelijkheid zal niet dienen tot een juister begrip, maar eerder aanzetten tot grotere angst ten opzichte van de seksualiteit, toename van de vooringenomenheid en het opnieuw onbespreekbaar maken van het onderwerp.

Voor het bestrijden van de uitwassen van pedofilie door een onderdrukte seksua1iteit, is de zedelijkheidsparagraaf van het Wetboek van Strafrecht ongeschikt. Geweld en dwang moeten strafbaar zijn, niet de seksualiteit.


bron: Ingezonden brief 'Reactie - Pedofilie' door A. de Klerk; Algemeen Politieblad van het Koninkrijk der Nederlanden, jaargang 136, nr. 25; 12 december 1987