Oordeel College voor de Rechten van de Mens inzake PedoPride

From Brongersma
Revision as of 14:06, 14 November 2019 by Admin (talk | contribs)
(diff) ← Older revision | Latest revision (diff) | Newer revision → (diff)
Jump to navigation Jump to search

Door: College voor de Rechten van de Mens

Tekst als pdf-file: Oordeel College voor de Rechten van de Mens inzake PedoPride
Tekst als pdf-file: Toelichting per email door Nelson Maatman
Tekst als pdf-file: Verweerschrift Pride Amsterdam
Tekst als pdf-file: Reactie op verweerschrift door Nelson Maatman

bronnen: Toelichting per email door Nelson Maatman (17 juni 2019); Verweerschrift Stichting Amsterdam Gay Pride (17 augustus 2019); Reactie op verweerschrift door Nelson Maatman (28 augustus 2019); Oordeel CRM inzake PedoPride (12 november 2019)



Situatie

De man vroeg Stichting Amsterdam Gay Pride om een zichtbare plek te krijgen tijdens Pride Amsterdam 2019 om de geschiedenis van de pedofiele gemeenschap te herdenken en de toekomst te vieren. Hij vroeg dit namens het 'Kinderbevrijdingsfront'. Dat staat voor het zelfbeschikkingsrecht van kinderen en streeft de acceptatie en legalisering van intergenerationele relaties na. De man vindt de weigering van de stichting discriminerend. Stichting Amsterdam Gay Pride betwist dat dit zo is.

Beoordeling

Het College constateert dat de man geen beroep kan doen op de bescherming van een discriminatiegrond van de Algemene wet gelijke behandeling (AWGB). De man kan geen bescherming ontlenen aan de grond 'hetero- of homoseksuele gerichtheid'. Alleen personen met een homo-, hetero- of biseksuele gerichtheid kunnen zich hierop beroepen. Personen met een pedofiele geaardheid vallen hier buiten. De grond 'politieke gezindheid' is ook niet van toepassing. Daarbij gaat het om opvattingen over de bestuurlijke en sociale inrichting van de samenleving als geheel. De man streeft met het Kinderbevrijdingsfront de acceptatie en legalisatie van intergenerationele relaties na, maar dat is niet genoeg om een politieke gezindheid aan te kunnen nemen. Tenslotte is ook de grond 'levensovertuiging' niet van toepassing. Bij levensovertuiging moet het gaan om fundamentele opvattingen over het menselijk bestaan. Het gaat de man in de kern om de (wettelijke) grenzen die hij tegenkomt in verband met zijn pedofiele geaardheid en de afkeer die hij ervaart in de maatschappij. Dat is onvoldoende om van een levensovertuiging te kunnen spreken. Omdat er geen wettelijke discriminatiegrond aan de orde is, valt de klacht van de man buiten het bereik van de AWGB. Het College is daarom niet bevoegd zijn klacht te beoordelen.

Oordeel

Het College is niet bevoegd een oordeel te geven over de vraag of Stichting Amsterdam Gay Pride onderscheid heeft gemaakt jegens een man op grond van seksuele gerichtheid, politieke gezindheid of levensovertuiging.

bron: Artikel < Stichting Amsterdam Gay Pride weigert het 'Kinderbevrijdingsfront' van een man een plek te geven tijdens Pride Amsterdam 2019. Het College is niet bevoegd hierover een oordeel te geven. >; Oordeelnummer 2019-116; mensenrechten.nl/nl/oordeel/2019-116; Mensenrechten; 12 november 2019