Aanvaarding pedofilie lijkt kwestie van tijd

From Brongersma
Jump to: navigation, search

De sexuele omgang tussen een volwassene en een kind (pedofilie) is één van de weinige buitenhuwelijkse relatievormen die op papier nog steeds strafbaar is. Toch zal ook hierin, als minister De Ruiter van Justitie zijn zin krijgt binnen afzienbare termijn verandering komen. Dat pedofilie, evenals homofilie, uit de "taboe-sfeer" wordt gehaald, is een wens die in vrij brede politieke kring leeft. [...]

In het Voorontwerp van een wet gelijke behandeling wordt over pedofilie niet gerept. [...] Alleen in de memorie van toelichting komt de, zinsnede voor dat "de afbakening tot homofilie geen moreel oordeel inhoudt; zij impliceert niet (brengt niet met zich mee - red.), dat volgens de Regering discriminatie van personen op grond van pedofilie, travestie of transsexualisme zonder meer wél geoorloofd zou zijn". Kennelijk zijn de maatschappelijke weerstanden tegen pedofilie nog te groot om een gelijke behandeling van "kinderlokkers" wettelijk af te dwingen. [...]

Hoe deze discussie ook eindigt, duidelijk is al wel dat daarin vragen als: "is pedofilie schadelijk voor het kind?" en "in hoeverre moet het worden vrijgelaten?" centraal staan. Het vandaag in Ede gehouden congres van de Nationale raad voor maatschappelijk welzijn had dan ook als thema "Waar ligt de grens?" In welke conclusie dit congres, waarop enkele gezaghebbende deskundigen het woord voeren, zal uitmonden, valt moeilijk te voorspellen. Maar uit de van tevoren beschikbaar gestelde informatie blijkt in ieder geval zonneklaar dat men pedofilie op zich aanvaardbaar acht. De afwijzing ervan op grond van de Bijbel is overduidelijk een gepasseerd station. Daarom valt te verwachten (of zo men wil: te vrezen) dat het opnemen van pedofilie in de op stapel staande Wet gelijke behandeling slechts een kwestie van tijd is.

bron: Artikel 'Aanvaarding pedofilie lijkt kwestie van tijd'; www.digibron.nl/search/share.jsp?uid=00000000012e9bf655e1a4d8e4c6f3cb&sourceid=1011; Reformatorisch Dagblad; 3 juni 1982