De rol van de moeder-zoon symbiose in perversie en zedendelinquentie

From Brongersma
Jump to: navigation, search

[Karola Lehnecke (57):] Beide ouders zijn nodig om de psychoseksuele ontwikkeling in goede banen te sturen. De vader moet het verlangen van de zoon om met zijn moeder te versmelten ontkrachten. Vader moet als het ware het plassertje (van moeder) veranderen in een echte fallus: de mannelijke identiteit. Vader moet hem dus via identificatie inleiden in de mannenwereld. Als de vader afwezig is, en/of de moeder dominant en bezitterig, dan ontstaat er een knellende en vaak erotische band, waarbij de zoon als het ware de vader als minnaar moet vervangen. Dit heb ik dus vaak gezien bij zedendelinquenten. [...]

[A]lle 30 delinquenten waren op school gepest. Dat verbaasde me. Maar eigenlijk is het ook wel begrijpelijk. Die jongens komen niet van hun relatie met hun moeder los en nemen dat mee naar school. Ze zijn bezitterig, vertonen grensoverschrijdend gedrag, hebben weinig oog voor de gevoelens van anderen. Andere kinderen pikken dat niet en pesten hen. [...]

Ik ben al 25 jaar in het vak en u mag er van uitgaan dat ik enige expertise heb kunnen opbouwen in dit specialisme.

bron: Interview 'Stoute moeders foute zonen' door Dik Brummel; Karola Lehnecke werkte in een TBS-kliniek; onlangs promoveerde ze aan de Katholieke Universiteit van Tilburg op het proefschrift 'De rol van de moeder-zoon symbiose in perversie en zedendelinquentie'; De Nieuwe Sekstant; juli 2004