Waar ligt homoland?

From Brongersma
Jump to: navigation, search

Uitgaande van het zelfbeschikkingsrecht is het niet belangrijk tussen wie er seks plaatsvindt maar of alle betrokkenen daar in vrijheid voor gekozen hebben. Uit wetenschappelijk onderzoek weten we dat de meeste meisjes die met oudere mannen seks hebben gehad het gevoel hebben dat zij daar niet in vrijheid voor gekozen hadden. Bij jongens die met oudere mannen seks hebben gehad was dat omgekeerd: zij hadden in meerderheid wel het gevoel daar in vrijheid voor gekozen te hebben. Seksuele contacten tussen jongens en meisjes enerzijds en oudere vrouwen anderzijds werden vrijwel niet gevonden. Dit verschil in ervaringen tussen jongens en meisjes verklaart in hoge mate het verschil in opvatting tussen de homobeweging en de vrouwenbeweging inzake pedoseksualiteit. Als de discussie hierover emotioneel verloopt, is zij ook meestal niet oplosbaar. Wat voor de ene kant een bevrijding is van anti-seksuele onderdrukking, is voor de andere kant een oplegging van ongewenste seksualiteit. Er is alleen in redelijkheid uit te komen als alle betrokkenen het zelfbeschikkingsbeginsel als uitgangspunt aanvaarden.

Als opgroeiende jongens (of meisjes) zich seksueel aangetrokken voelen tot oudere mannen (of vrouwen) dan is er vanuit de zelfbeschikking geredeneerd geen enkele reden om dat af te keuren. Aangezien ik mijzelf als jongere tot oudere mannen aangetrokken voelde, weet ik hoe belangrijk het is als ook deze jongeren ruimte tot verkenning van hun seksualiteit kunnen krijgen. Het ergert me dat veel discussie over pedoseksualiteit zich alleen beperken tot het perspectief van de ouderen: dat gebeurt al veel te veel in onze samenleving. Centraal moeten de rechten en de vrijheden van de jongeren staan.

Homoseksuele jongeren (en de ouderen die met hen contacten hebben) mogen niet uit homoland gestoten worden zolang in overeenstemming met het zelfbeschikkingsrecht gedacht en gehandeld wordt. Toen homoland nog niet bestond, werd het beeld dat van homo's leefde, gemaakt door heteroseksuelen. Dat beeld kwam grofweg neer op de oude kinderlokker die zich aan jongetjes vergreep. Een grote verworvenheid van de homobeweging is dat dit beeld vervangen is door een imago dat dichter bij de werkelijkheid ligt. Er dreigen nu twee gevaren. Het eerste is dat vele homo's zeggen: er is geen homobeweging meer nodig want er is geen discriminatie meer. Zelfs al zou dit waar zijn, dan leidt het wegvallen van een homobeweging er onherroepelijk toe dat de beeldvorming inzake homoseksualiteit weer in handen van hetero's komt. Dat is het gevolg van het mechanisme dat mensen die aan vooroordelen beantwoorden worden opgemerkt, en degenen die de vooroordelen zouden kunnen doorbreken niet.

Het tweede gevaar is dat de homobeweging in haar angst om de verkregen maatschappelijke erkenning te verliezen de pedo's overboord gooit. Het is goed om te beseffen dat na de pedo's de sm zal volgen, degenen die anonieme seks hebben, degenen die van pornografie houden, en degenen die niet netjes getrouwd in een monogame relatie leven, zodat homoland uiteindelijk zal zijn teruggebracht tot degenen die zich volledig aan de hetero-cultuur hebben aangepast. Was dat wat ons voor ogen stond toen wij aan de bevrijding uit de hetero-onderdrukking begonnen?

bron: Artikel 'Waar ligt homoland?' door Rob Tielman (ex-voorzitter Humanistisch Verbond); Gay Krant 246; 22 januari 1994